Schuldsanering is voor veel mensen een beladen woord. Het voelt als falen, als het opgeven van controle, als een stempel dat je liever niet op jezelf drukt. Maar soms is het de meest verstandige en menselijke stap die je kunt zetten. Het verhaal van Wilma maakt dat pijnlijk duidelijk.
Veertien jaar gevangen in een lening
Wilma is een energieke vrouw met twee bijna volwassen kinderen. Bijna veertien jaar geleden scheidde ze van haar man en bleef achter met een schuld die niet van haar was.
Jaren eerder, toen het nog goed ging tussen hen, had haar man haar overgehaald om een lening van €30.000 op haar naam af te sluiten. Zijn eigen bedrijf liep slecht en hij kon de lening zelf niet krijgen. Als tweetverdieners konden ze de maandelijkse aflossing én rente prima dragen. Maar Wilma had er nooit bij stilgestaan wat er zou gebeuren als de situatie veranderde.
Die situatie veranderde snel. Nog geen jaar later was haar man vertrokken lag ze in scheiding. Haar ex was vertrokken naar het buitenland, ergens ver weg en liet haar achter met twee kleine kinderen en een lening van €30.000 op haar naam.
Geen alimentatie, geen hulp, geen uitweg
Wilma heeft alles geprobeerd. Advocaten ingeschakeld, geprobeerd haar ex-man alimentatie te laten betalen of zijn deel van de lening op zich te nemen. Elke keer liep het op niets uit. Haar man zat in het buitenland en een veroordeling bij verstek zou haar waarschijnlijk alleen maar geld kosten zonder dat ze ooit een cent zou zien.
En dus betaalde Wilma. Elke maand, keurig op tijd, de aflossing en rente van ruim €500. Maar wat de bank niet zag (en ook niet leek te interesseren) was dat ze van dat geld niet kon rondkomen.
“Ze voelde zich alsof ze een levenslange straf moest uitzitten.”
Om eten te kunnen kopen voor zichzelf en haar kinderen, moest Wilma maandelijks een deel van de aflossing weer opnemen van de lening. Ze betaalde af, en nam meteen weer een stuk lening op. Naarmate de kinderen ouder werden en duurder, nam ze steeds vaker extra bedragen op voor schoolboeken, kleding en ziektekosten.
Na veertien jaar had Wilma op een lening van €30.000 in totaal slechts €1.500 afgelost. De rest was opgegaan aan rente en aan de dagelijkse kosten van het leven.
Waarom vroeg ze geen schuldsanering aan?
Dat is de vraag die je je misschien stelt. En het antwoord zegt veel over hoe mensen omgaan met schulden: Wilma wilde het zelf oplossen. Ze wilde niet in de schuldsanering. Ze wilde haar verantwoordelijkheid nemen voor een lening die, hoe onrechtvaardig ook, op haar naam stond.
In werkelijkheid zou ze er in een schuldsaneringsregeling (WSNP) financieel beter aan toe zijn geweest dan in de situatie waarin ze nu zat. Met twee kinderen zou haar leefgeld in een WSNP-traject hoger zijn geweest dan wat ze nu maandelijks overhield.
| Wat is de WSNP?
De Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) is een wettelijke regeling voor mensen met problematische schulden die er zelf niet meer uitkomen. Tijdens het traject (meestal 18 maanden) draag je een deel van je inkomen af aan schuldeisers. Na afloop worden resterende schulden kwijtgescholden — mits je je aan de regels hebt gehouden. Je komt alleen in aanmerking als je kunt aantonen dat je te goeder trouw bent en er geen andere oplossing meer is. |
Het advies dat ik haar gaf
Toen ik Wilma voor het eerst sprak, was ze de wanhoop nabij. Ze sliep al maanden nauwelijks. De energie was uit haar weggestroomd. Ze vroeg me wat ze kon doen.
Mijn advies was ongebruikelijk en ging tegen haar principes in. Ik adviseerde haar om per direct te stoppen met betalen aan de bank.
Niet omdat stoppen met betalen normaal gesproken de oplossing is, integendeel. Maar in dit geval was er veertien jaar lang een situatie in stand gehouden die voor Wilma onhoudbaar was. De bank had geen reden om in te grijpen zolang de betalingen gewoon binnenkwamen. Pas als die stopten, zou de bank gedwongen zijn iets te doen.
Wat zijn de mogelijke uitkomsten?
Zodra de betalingen stoppen, zijn er voor Wilma grofweg drie scenario’s:
- De bank legt loonbeslag. Maar Wilma’s beslagvrije voet, het deel van haar inkomen waarop geen beslag mag worden gelegd, is hoger dan haar salaris. Dat zou betekenen dat ze voor het eerst in veertien jaar normaal kan rondkomen.
- De bank doet een schikkingsvoorstel. Dat is niet ongebruikelijk als een bank ziet dat verhaal onmogelijk is. Een eenmalige afbetaling van een lager bedrag kan voor beide partijen de beste oplossing zijn.
- De bank blijft dreigen, maar onderneem geen actie. Dan kan Wilma, zodra de schuld ver genoeg is opgelopen en er geen andere oplossing meer is, officieel schuldsanering aanvragen via de WSNP. Na het traject van maximaal 18 maanden is ze dan verlost van een last die veertien jaar heeft geduurd.
De les van Wilma’s verhaal
Het verhaal van Wilma laat zien hoe mensen zich jarenlang in de schulden kunnen vechten terwijl schuldsanering hen eigenlijk sneller verder zou helpen. De schaamte, het gevoel van falen, de wil om het zelf op te lossen, zijn begrijpelijke gevoelens. Maar ze kunnen er ook voor zorgen dat iemand onnodig lang in een uitzichtloze situatie blijft hangen.
Schuldsanering is geen falen. Het is een juridisch instrument dat bestaat om mensen een tweede kans te geven. En soms, zoals bij Wilma, is het de enige eerlijke uitweg.
Herken jij jezelf in dit verhaal?
Zit jij ook al lang in een situatie waarin je elke maand net het hoofd boven water houdt, maar structureel niet uitkomt? Dan is het tijd om te onderzoeken welke opties er zijn, ook als schuldsanering aanvragen er daar één van is.
| Loop jij ook vast met schulden?
Als budgetcoach help ik mensen die vastlopen met schulden om weer grip te krijgen — of je nu schuldsanering overweegt of gewoon wilt weten waar je staat. Een eerste gesprek is altijd vrijblijvend. Neem contact op |
